Extra ondersteuning voor leerlingen hoogbegaafdheid

De bovenschoolse plusgroep is een voorziening van O2G2 die dient als aanvulling op het passend onderwijsaanbod van onze scholen. Met de bovenschoolse plusgroep proberen we de betere leerlingen in staat te stellen om het beste uit zichzelf te halen door met en van elkaar te leren. Ook besteden we in de lessen veel aandacht aan de sociale competenties en het zelfbeeld. 

 

De bovenschoolse plusgroep is een voorziening van O2G2 die dient als aanvulling op het passend onderwijsaanbod van onze scholen. Met de bovenschoolse plusgroep proberen we de betere leerlingen in staat te stellen om het beste uit zichzelf te halen door met en van elkaar te leren. Ook besteden we in de lessen veel aandacht aan de sociale competenties en het zelfbeeld. 

Een leerling met een hoge begaafdheid werkt met een compact lesprogramma en krijgt in eerste instantie op de ‘eigen school’ een aanvullend aanbod aan lesmateriaal. Blijkt dit aanbod niet voldoende te zijn dan kunnen wij de bovenschoolse plusgroep aanbieden. In deze groep komen leerlingen van verschillende O2G2 basisscholen bij elkaar om specifieke vaardigheden aan te leren en te vergroten;

  • Leren leren: werkhouding, planmatig werken, inzicht in eigen manier van leren
  • Leren denken: analytisch denken, creatief denken en kritisch denken
  • Leren (samen)leven: inzicht in jezelf, samenwerken.

Het lesprogramma van de bovenschoolse plusgroep is zo samengesteld dat het aansluit op de leereigenschappen en onderwijsbehoefte van de leerlingen met een hoge begaafdheid. We werken aan het verder ontwikkelen van vaardigheden zoals: abstract denken, flexibiliteit, effectiviteit, doorzettingsvermogen, nauwkeurigheid, etc.

Daarnaast kijken we naar eventuele problemen in de sociaal-emotionele ontwikkeling zoals: faalangst, perfectionisme en motivatie voor school. Samen met de leerling proberen we dit te ondervangen en te veranderen.

Gelijkgestemden

In onze plusgroep komen onze leerlingen gelijkgestemden tegen. Ze zitten op verschillende scholen, maar zijn gelijk aan elkaar in het hebben van een hoge begaafdheid.

Ze werken en denken op een gelijkwaardig niveau en delen dat met elkaar, zodat ze ook leren van elkaar. Deze samenwerking is juist voor deze hoogbegaafde leerlingen prettig en belangrijk. Ze herkennen zichzelf (zijn niet anders) en worden uitgedaagd.

Samen met de leerkracht worden doelen gesteld die ze doormiddel van verschillende activiteiten proberen te realiseren: breinkrakers, inhoudelijke projecten, filosoferen, debatteren en creatieve (denk)opdrachten.

Plaatsingsprocedure

Heeft een leerling meer uitdaging nodig dan de eigen school kan bieden( vanaf groep 5), dan kan de intern begeleider deze leerling aanmelden voor de bovenschoolse plusgroep. De aanmelding vindt plaats in afstemming met de leerkracht en na toestemming van de ouders.

De leerling moet voldoen aan de leereigenschappen die kenmerkend zijn voor hoogbegaafde leerlingen. Een IQ meting is een voorwaarde voor plaatsing. De toelatingscommissie bepaalt of een leerling plaatsbaar is of niet.

De toelatingscommissie bestaat uit:

  • een vertegenwoordiger van het O2G2-ondersteuningsbureau;
  • de plusgroepleerkrachten;
  • indien nodig wordt advies gevraagd aan een vertegenwoordiger van het KCOO.

De commissie staat onder leiding van de vertegenwoordiger van het O2G2 ondersteuningsbureau en komt twee keer per jaar bij elkaar, in december en in juni. Vóór de twee instroommomenten die er zijn: na de zomervakantie en in januari.

De school (intern begeleider) moet de leerling voor 1 december of 1 juni aanmelden voor de bovenschoolse plusgroep.

Als de leden het niet eens zijn over de toelating van een leerling, dan geldt dat een beslissing genomen mag worden bij aanwezigheid van alle leden. Een meerderheid van stemmen is noodzakelijk voor toelating.

De toelatingseisen

  • De leerling dient te voldoen aan vijf of meer leereigenschappen passend bij begaafde leerlingen. Hiervoor kan gebruik worden gemaakt van verschillende signaleringsinstrumenten (Digitaal Handelingsprotocol Hoogbegaafdheid, SDI of Hoogbegaafdheid-in-zicht);
  • De leerling dient een IQ-score van 130 of hoger hebben op de WISC.
    Als de school een leerling geschikt acht voor de plusgroep kan de school de leerling aanmelden bij het KCOO voor een onderzoek;
  • Is de school van mening dat de leerling niet geschikt is, maar de ouders zijn een andere mening toegedaan, dan mogen de ouders hun zoon/dochter op eigen kosten laten onderzoeken. De betreffende test moet overeenkomen met de test die door de scholen wordt gebruikt, wil de uitslag gebruikt worden om toelating te krijgen tot de plusgroep;
  • De leerling volgt al minimaal een half jaar een passend gecompact lesprogramma met een verrijkend aanbod (invullen op het aanmeldformulier);
  • De leerling vertoont geen storend gedrag*;
  • De leerling heeft geen leerachterstand op het gebied van rekenen, lezen of taal**;
  • De toelatingscommissie kan om een nader onderzoek en/of observatie van de leerling vragen. Op grond van de verstrekte gegevens beslist de commissie over toelating;
  • Bij het belemmeren van het eigen leerproces of dat van medeleerlingen in de plusgroep kan door de toelatingscommissie worden besloten tot uitstroom uit de plusgroep en wordt in overleg met de school naar een passende oplossing gezocht.

*Storend gedrag vertoont een leerling als de leerling zichzelf en/of de andere leerlingen door het gedrag belemmert bij het volgen van de lessen in de plusgroep. Bij problemen op het gebied van gedrag en/of vaardigheden wordt eerst onderzocht of de problemen in relatie staan tot het hoogbegaafdheidsprofiel. Hierbij kan worden verwezen naar  het KCOO of de expertise van een SBO-school.

**Door onderpresteren van de leerling en het ontbreken van een adequaat onderwijsaanbod kan een leerachterstand zijn ontstaan op één of meerdere leergebieden. Daardoor kan de leerling niet het aanbod volgen in de bovenschoolse plusgroep. De school is verantwoordelijk voor het op niveau brengen van het vereiste basisniveau passend bij de leeftijd van de leerling. De plusgroepleerkracht kan de school ondersteunen en adviseren. Wanneer de leerling op niveau functioneert en het lesaanbod in de plusgroep aan kan, dan wordt hij/zij alsnog toegelaten tot de plusgroep.

Uitzonderingen

Onder voorwaarden is toelating mogelijk van:

  • Leerlingen waarvan de school overtuigd is dat hij/zij geschikt is voor de bovenschoolse plusgroep en waarbij een IQ-meting niet mogelijk of wenselijk is;
  • Leerlingen met een disharmonisch profiel;
  • Leerlingen die onderpresteren.

Over deze leerlingen ontvangt de toelatingscommissie van de school een toelichting op de aanvraag. Indien nodig wordt de school uitgenodigd om een mondelinge toelichting te geven.

Uitstroom

Voor de toegelaten leerlingen geldt een proefperiode van één schooljaar met mogelijke uitstroommomenten op 1 januari en 1 juni. Een voorstel tot uitstroom wordt door de plusgroepleerkrachten met de leerkracht en IB-er van de betreffende school en met de ouders overlegd.

Bij sprake van een meningsverschil wordt het voorstel aan de toelatingscommissie voorgelegd en beslist de toelatingscommissie.

Mochten ouders of de leerkracht deelname aan de bovenschoolse plusgroep van een leerling willen beëindigen, dan gaat daar altijd een gesprek met ouders, intern begeleider, leerkracht en leerkracht bovenschoolse plusgroep aan vooraf. Beëindiging betekent dat de school verantwoordelijk is voor een passend onderwijsaanbod voor de leerling. Hierbij wordt echter wel rekening gehouden met wat realiseerbaar is binnen de organisatie van de school.

Bovenschoolse plusgroep in de praktijk 

De plusgroepen zijn samengesteld uit verschillende leeftijdsgroepen, dit kan zijn 5/6, 7/8 of variaties hierop. De leerlingen komen een dagdeel per week of een hele dag in de twee weken naar de plusgroep. De plusgroepen zijn verdeeld over verschillende locaties, verspreid in de stad. Hoewel de plusgroepen gebruik maken van een lokaal van basisscholen, is de bovenschoolse plusgroep een bestuursvoorziening en staat zij los van deze scholen.

In de groepen is plek voor max. 16 kinderen. Ouders zorgen zelf voor het brengen en halen. Er is regelmatig contact tussen de plusgroepleerkracht en de eigen leerkracht. Twee keer per jaar ontvangen de ouders en groepsleerkracht een schriftelijke terugkoppeling.

Contactgegevens

Wilt u meer informatie over de bovenschoolse plusgroepen of heeft u vragen naar aanleiding van bovenstaande, dan kunt u contact opnemen met:
Inez Töben
leerkracht en coördinator van de bovenschoolse plusgroepen O2G2.
E-mail: i.a.toben@o2g2.nl