Leerlingaantallen als fundament voor onderwijskwaliteit

Het is ieder jaar weer spannend hoeveel leerlingen zich aanmelden bij onze scholen. Leerlingen zijn immers de reden waarom de scholen bestaan en waar docenten en leerkrachten zich elke dag voor inzetten.  

 

Zicht op leerlingaantallen

In het basisonderwijs hebben we redelijk makkelijk zicht op de leerlingaantallen omdat de instroom gedurende het hele jaar plaatsvindt. In het voortgezet onderwijs is de periode januari, februari, maart (tot aan 15 maart) het moment van oriënteren en inschrijven. Zoveel mogelijk leerlingen is uiteraard geen doel op zich, kwalitatief hoogwaardig onderwijs wel. Aan de andere kant heeft een school wel leerlingen nodig om voldoende leerkrachten en docenten te kunnen inzetten om kwalitatief hoogwaardig onderwijs te kunnen aanbieden.

Onderwijs beste gebaat bij stabiele instroom

Onze leerlingen verdienen de beste kansen en de beste kwaliteit van onderwijs. Daar willen we ons mee onderscheiden. Eigenlijk is onderwijs het meest gebaat bij een stabiele instroom op basis waarvan er mooi en goed onderwijs kan worden aangeboden. Maar leerling-stromen laten zich niet altijd voorspellen, omdat ze afhankelijk zijn van meerdere (demografische) factoren.

Verhuisbewegingen

Nu het economisch beter gaat zie je allerlei verschuivingen. Gezinnen verhuizen naar grotere woningen of kiezen voor groenere wijken. Het gevolg is dat je binnen de stad en dus ook binnen de scholen momenteel veel verhuisbewegingen ziet. Leuk als je er als school leerlingen bij krijgt, vervelend als er plotseling 4 a 5 uit een klas verdwijnen.

Nieuwe school in Meerstad

Ook wordt er in Groningen weer driftig gebouwd. Daarbij geldt dat dat directe effecten heeft op het aantal leerlingen. Veel scholen zijn er blij mee. Nog ingrijpender is het bouwen van een geheel nieuwe wijk, zoals bijvoorbeeld Meerstad. Wij zijn dan ook trots dat Openbaar Onderwijs Groningen daar samen met de gemeente een school mag bouwen.

Hoe gaat het met ons leerlingenaantal?

Nou eigenlijk heel goed. Het leerlingenaantal heeft zich de afgelopen drie jaar heel stabiel ontwikkeld. In het primair onderwijs is er bij de twee grote besturen in Groningen sprake van een lichte daling in vergelijking met 2017. Beide besturen gaan er iets minder dan 100 leerlingen op achteruit. Ook het totaal aantal leerlingen nam in 2018 met ongeveer 100 leerlingen af (2017: 12426-2018 12291). Bij ons zien we een krimp van 6748 naar 6653. Ons marktaandeel is echter vrijwel gelijk gebleven (2017: 54% 2018: 54%). De verwachting is dat wij vanaf 2020 weer licht gaan groeien door het in gebruik nemen van twee nieuwe binnenstadscholen en de school in Meerstad. Wel zijn er verschillen tussen de basisscholen merkbaar. Waar de ene school groeit daar krimpt de andere school door een vergrijzende wijk. Maar het geheel is stabiel.  

Kleinere klassen

Waar wij intensief op inzetten is het creëren van kleinere klassen. Een mooie ontwikkeling in dit kader is dat het aantal groepen in ons basisonderwijs met 26 of meer leerlingen in vergelijking met 2012 gehalveerd is naar 64. De extra middelen die minister Slob beschikbaar heeft gesteld aan basisscholen zijn hier nog niet eens in verwerkt. Onze gemiddelde groepsgrootte is momenteel 22. Mooi voor de reductie van de werkdruk en voor de aandacht voor het individuele kind.

Zorgelijk is dat in de provincie Groningen er wel sprake is van krimp in het primair onderwijs: in vergelijking met 2015 daalt in 2018 het leerlingenaantal in de provincie met ruim 1800 leerlingen.

Stabiele instroom in voortgezet onderwijs

Ook in het Voortgezet Onderwijs is sprake van een stabiel beeld. In 2017 was de totale instroom 8468, in 2018 was dit 8503. Een lichte stijging, het marktaandeel bleef vrijwel gelijk op 51%.

Wel zijn er verschillen per school. Het Heyerdahl College (praktijkonderwijs) is heel stabiel en heeft telkens iets meer dan 160 leerlingen. Het vmbo bb en kb staat landelijk qua leerlingenaantal onder druk en dat is bij ons niet anders.

Ontwikkelingen in het voortgezet onderwijs

Het Stadslyceum, Leon van Gelder, het Harens Lyceum en het Montessori Lyceum Groningen hebben het in de afgelopen jaren meer dan uitstekend gedaan. Het Kamerlingh Onnes met een brede instroom van vmbo-tl groeit zelfs gestaag.

De Simon van Hasselt (schakelschool) groeit ook van 99 leerlingen naar 107 leerlingen. De school heeft hier ook ruimte voor in het mooie, nieuwe gebouw.

De Topsport Talentschool is met haar doelgroep mooi stabiel. Het Praedinius Gymnasium ziet haar instroom de afgelopen twee jaar telkens licht stijgen waardoor daar naar verwachting het leerlingenaantal tussen de 860 en de 870 zal uitkomen.

De Internationale Schakelklas (ISK), een school voor leerlingen in de leeftijd van 12 tot ongeveer 18 jaar die de Nederlandse taal niet of nauwelijks beheersen, ziet het aantal leerlingen stabiliseren nu de vluchtelingenstromen niet meer zo enorm fluctueren.

Stabilisering in het speciaal onderwijs

Ook het speciaal onderwijs verwacht een mooie, stabiele ontwikkeling. Er is zelfs een lichte groei. Terwijl een aantal jaren geleden de verwachting was dat het speciaal onderwijs zou gaan krimpen in verband met de invoering van Passend Onderwijs.

Ons Speciaal Basisonderwijs blijft eigenlijk al jaren heel stabiel of vertoont lichte groei. Het leerlingenaantal zit daarbij telkens rond de 250 leerlingen. De Groninger Buitenschool, een school voor langdurig zieke kinderen in de leeftijd van 4 t/m 14 jaar, vertoont een hele lichte groei. Een kleine daling zien we bij het Voortgezet Speciaal Onderwijs, zowel bij de Mytylschool als bij de Van Lieflandschool.

Stabiel leerlingaantal goed voor kwaliteit van het onderwijs

We kunnen concluderen dat de leerlingenaantallen ondanks verschillen tussen scholen heel stabiel zijn. Dat is goed voor de kwaliteit van het onderwijs. Ook de marktaandelen in het basisonderwijs en het voortgezet onderwijs zijn heel stabiel. Over het geheel genomen is er sprake van een mooie continuïteit die we moeten proberen vast te houden.

Want uiteindelijk gaat het maar om 1 ding en dat is het talent van de leerling maximaal tot zijn recht te laten komen.