Stad en ommeland, een onderwijspact?

Afgelopen dinsdag was ik bij de adviesraad van de PABO van de Hanzehogeschool. Daar ontstond  een mooi gesprek over wat er nodig is om in de provincie Groningen het onderwijs toekomstbestendig te maken.

 

De kern van het gesprek was dat er een gezamenlijke visie en inspanning nodig is om een toekomstgerichte educatieve infrastructuur in de provincie Groningen in te kunnen richten.

Een Tesla uitvinden

Als school kunnen we daar ieder afzonderlijk onze maximale inspanning leveren om ons eigen stukje van de educatieve infrastructuur in stand te houden. Het is echter de vraag of dat de beste aanpak is én of het voldoende is.
Als het alleen leidt tot uitstel van de krimp en/of verschraling van de educatieve infrastructuur dan worden we daar niet veel beter van. Beter zou het zijn om gezamenlijk een aantal doelen te stellen en daar ook gezamenlijk op in te zetten. De kennis, de ‘know how’ en middelen kunnen dan veel doelmatiger worden ingezet.

Vijftig keer het wiel uitvinden gaat geen Tesla opleveren. Om onze regio te profileren hebben we misschien wel iets bijzonders nodig. Dat kan, als we ieder onze deel leveren aan een gezamenlijk doel.

Onderwijsprovincie van Nederland

Aan wat voor doelen kan je denken? Een visie op de toekomst is onontbeerlijk. Gelukkig is daarover al veel nagedacht. Groningen profileert zich naar buiten veelal met gezondheid (healthy aging), innovatie en digitale geletterdheid. De stad Groningen heeft zich regelmatig geprofileerd als de onderwijsstad van Nederland, maar misschien moeten we ons wel gaan profileren als de onderwijsprovincie van Nederland. Of beter nog als kennisprovincie.

Investeer in leren en je hebt de toekomst
Wat willen we binnen de provincie aan educatieve infrastructuur hebben en hoe gaan we dat organiseren? Hoe kunnen we overal de leerling, de student de beste kans geven en wat is daar voor nodig? Deze vragen zal je volgens mij ten aanzien van alle schoolsoorten en in samenhang moeten beantwoorden. Het basisonderwijs, het voortgezet onderwijs, het mbo, het hbo en het wo.

Waarom is er eigenlijk geen tweedegraads lerarenopleiding in Groningen? Wordt het niet tijd voor een lerarenopleiding gericht op 10-14 jaar scholen? Maar vergeet ook niet het belang van passend onderwijs en het speciaal onderwijs. Juist deze onderwijssoorten komen razendsnel onder druk te staan in dunbevolkte gebieden. Wat vinden wij bijvoorbeeld verantwoord over afstanden voor leerlingen naar scholen. Wat kan je samen doen en wat kan de afzonderlijke school doen?

De vervolgvragen zijn dan uiteraard: hoe kunnen we elkaar versterken (steeds vanuit het perspectief van de leerling)? Wat kunnen we vanuit de vervolgopleiding al doen om de leerling te faciliteren, om doorlopende leerlijnen te creëren. Welke afspraken moeten we daar gezamenlijk over maken?
We moeten dan niet in de Pavlov-reactie schieten van fuseren, maar nadenken over wie kan welke diensten het beste verzorgen en hoe kunnen we dat (met elkaar) organiseren.

Niets doen is achteruitgang

De onderwijssectoren staan voor grote investeringen. In het PO, VO en SO staat Curriculum.nu voor de deur. Hoe gaan we dat als regio invullen? Gaat iedere school dat afzonderlijk doen? Of is het een idee om provinciale ontwikkelteams te gaan vormen? Iedere school kan dan profiteren en de inzet is goed te overzien.
We kunnen dan ook meteen de ontwikkelteams afstemmen op het vervolgonderwijs in de provincie (MBO, HBO en WO). Krijg je dan one size fits all? Welnee,  maar je kan wel gezamenlijk leerlijnen en leermateriaal ontwikkelen, zodat iedereen dit dat wil het materiaal kan gaan gebruiken.
Doorlopende leerlijnen zijn een belangrijk onderdeel van Curriculum.nu. Met een gemeenschappelijke provinciale opzet kunnen we de doorstroom van de leerling van PO naar VO - maar ook daarna - gaan voorbereiden op basis van Curriculum.nu. Als we dit gezamenlijk gaan doen ontstaat er ook meer echte ontwikkelruimte voor leraren en leerkrachten. Dat voorkomt werkdruk.

Digitale geletterdheid gaat ook veel aandacht vergen. Het gaat dan om leermateriaal ontwikkelen, de ICT-infrastructuur van scholen toekomstgericht maken, de teams professionaliseren enz. Ook hier kunnen doorlopende leerlijnen en gezamenlijke ontwikkelteams een enorme meerwaarde opleveren. Iedere afzonderlijke school houdt dan uiteraard zijn eigen verantwoordelijkheid in het maken van keuzes, maar door provinciaal samen te werken vanuit het perspectief van de leerling kan er een echte kwaliteitsimpuls worden gegeven.

Ook maatschappelijke thema’s zoals gezondheid en gelijke kansen kunnen we gezamenlijk, vanuit het perspectief van de leerling, aanpakken. Het thema techniek wordt al binnen het netwerk VO-MBO gezamenlijk aangepakt. Van deze samenwerking kunnen we veel leren! Maar waarom doen we dit niet samen met het PO, het HBO en WO. De natuurlijke reflex zou bij alle onderwijsonderwerpen eerst moeten zijn om een provinciale aanpak te verkennen.

Denken vanuit de provincie

Maar hoe gaan we dit doen? Het begint met denken vanuit de provincie Groningen. Wat willen we iedere leerling in de provincie Groningen in ieder geval bieden? Een ‘coalition of the willing’ zou de eerste stap kunnen zijn. Besturen die gezamenlijk willen nadenken over wat Groningen nodig heeft aan educatieve infrastructuur. Waar willen we over 5 en 10 jaar staan en hoe gaan we dat doen. Wat mij betreft maken we 8 portretten van leerlingen uit verschillende contexten en gaan we eens doordenken hoe we die het beste kunnen faciliteren. Daarna komt het laaghangende fruit. Wat kunnen we nu al doen en sluit dat aan bij wat toch al moet gebeuren, Curriculum.nu?

Gemeenschappelijke ontwikkelteams als vliegwiel

Doorlopende leerlijnen? Laten we dat gezamenlijk doen. Digitale geletterdheid? Past heel goed bij de profilering van de provincie.
Zorg voor goed geschoolde leerlingen en studenten. Maak van Groningen een expertisecentrum waarin we alles delen. Iedere leerling heeft recht op de beste kans. Zorg voor uitwisseling van kennis en knowhow. Gebruik bestaande netwerken als die mee willen doen. De lerarenopleidingen bevinden zich in een perfecte positie om als katalysator en vliegwiel te fungeren. Via studenten, via docenten, via lectoren maar ook als expertisecentrum. De regio professionaliseren. Professionaliseer als lerarenopleidingen via gemeenschappelijke ontwikkelteams. Een dergelijke rol mag je ook van de universiteit verwachten.

Maar laten we klein beginnen. Eerst bestuurders, schoolleiders, leraren die mee willen doen, want laten we eerlijk zijn, in de teams moet het echte werk gebeuren. Laten we zorgen dat die teams in positie komen. Dat er geen dubbel werk gedaan wordt, dat ze ontwikkelruimte krijgen, dat materiaal uitgewisseld wordt.

Een droom? Welnee, de eerste stap is het willen.